Biocontrole
Wat is biocontrole?
Biocontrole omvat zowel macro-organismen als gewasbeschermingsmiddelen waarvan de werkzame stoffen van natuurlijke oorsprong zijn. Deze stoffen kunnen rechtstreeks afgeleid zijn van natuurlijke bestanddelen of organismen, of, wanneer ze synthetisch zijn vervaardigd, natuuridentiek zijn. Biocontrole wordt ingezet voor de bestrijding van plagen en ziekten in de land- en tuinbouw, maar ook in bosbouw, openbaar groen, tuinen en de huislijke omgeving.
IBMA beschouwt momenteel volgende categorieën als biocontrole:
Semiochemicaliën
Semiochemicaliën
Semiochemicaliën zijn stoffen die door planten, dieren en andere organismen worden uitgescheiden om communicatie binnen en/of tussen soorten mogelijk te maken. Ze hebben een doelspecifieke en niet-toxische werkingswijze.
Micro-organismen
Micro-organismen
Deze categorie omvat producten op basis van micro-organismen, waaronder maar niet beperkt tot bacteriën, schimmels, protozoën, virussen, viroïden en mycoplasma’s. Ze kunnen bestaan uit volledige micro-organismen, levende en dode cellen, alle bijbehorende microbiële metabolieten, fermentatiematerialen en celfragmenten of combinaties daarvan.
Biocontrole door
invertebraten
Biocontrole door invertebraten
Biocontrole door invertebraten, ook wel macro-organismen genoemd, maakt gebruik van natuurlijke vijanden zoals insecten-, mijten- en nematoden. Deze organismen helpen plaagpopulaties onder controle te houden door middel van predatie of parasitisme.
Natuurlijke stoffen
Natuurlijke stoffen* bestaan uit een of meer componenten afkomstig uit de natuur, waaronder, maar niet beperkt tot: planten, algen/microalgen, dieren, mineralen, bacteriën, schimmels, protozoën, peptiden, eiwitten (bijv. antilichamen en enzymen), RNA (betrokken bij RNAi)**, virussen, viroïden en mycoplasma’s. Deze stoffen kunnen afkomstig zijn uit de natuur of, gesynthetiseerd worden, op voorwaarde dat ze natuuridentiek zijn. Deze definitie sluit semiochemicaliën en microbiële middelen uit.
Peptiden en eiwitten
*Specifieke voorwaarden voor peptiden en eiwitten
IBMA beschouwt peptiden en eiwitten met sequentiemodificaties van een uit de natuur afkomstig peptide/eiwit, als natuuridentiek, mits aan alle volgende voorwaarden is voldaan:
01
Ze bevatten uitsluitend in de natuur voorkomende aminozuren
02
De modificaties veranderen de driedimensionale structuur niet
03
De biologische functie blijft ongewijzigd
04
De biologische afbraak verloopt op een voorspelbare manier via natuurlijke processen
**Specifieke voorwaarden voor RNA (RNAi) RNA dat wordt gebruikt in RNA-interferentie (RNAi), wordt als natuuridentiek beschouwd, mits aan alle volgende voorwaarden is voldaan:
01
Ze bevatten uitsluitend in de natuur voorkomende nucleotiden
02
De biologische afbraak verloopt op een voorspelbare manier via natuurlijke processen
03
De wijzigingen veranderen de beoogde biologische functie tegen een doel-mRNA in het doelorganisme niet, met inbegrip van plagen, ziekteverwekkers of onkruid.